rosariumDoor verschillende eigenaren uit de Boombergwijk zijn begin vorige eeuw kleinere grondstukken verkocht of geschonken aan de gemeente om de paden en wegen te verbreden. Dit was noodzakelijk om een beter overzicht te krijgen en de veiligheid te bevorderen.

In december 1912 heeft de heer Kleijn van Willigen via een schrijven aan de gemeente Hilversum zich bereid verklaard volgens citaat “kosteloos met bestemming tot den publieke dienst af te staan een stuk grond gelegen aan de Boomberglaan tussen de Peerlkamplaan en Torenlaan, ter oppervlakte van +/- 4000 m2.” Je zou denken dat de gemeente verheugd was over dit nobele gebaar. Niets was minder waar. Er waren heel wat raadsvergaderingen nodig om deze kwestie te bespreken en er ontstond een uitvoerige briefwisseling. Niet alle raadsleden waren het eens met de schenking. Sommigen wilden de motivatie weten, anderen stelden de vraag wat voor bestemming dit grondstuk zou krijgen.

In de raadsvergadering 24 juni 1913 kwam aan orde dat er een servituut lag op het terrein, namelijk dat er niet hoger dan 1.25 m bebouwd mocht worden. De raadsleden Van der Smit en De Groot achtten dit geen bezwaar. Zij stelden: als de grond geëgaliseerd wordt, zou de grond geschikt kunnen worden gemaakt voor beplanting van een Rosarium. Andere leden hadden wel bezwaren, de voorzitter opperde dat een Rosarium zeer veel geld zou gaan kosten. Uiteindelijk werd het voorstel van de heer Van der Smit om het prachtig aanbod van de heer Kleijn van Willigen aan te nemen met 16 tegen 3 stemmen aangenomen.

In de vergadering van de Commissie van Openbare werken van december 1913 werd een voorstel tot inrichting van het geschonken terrein gedaan. Er werd een plantsoen met omheining voorgesteld dat moet worden voorzien van behoorlijke ingangen. Over het al of niet voor het publiek gesloten houden van het plantsoen zou later beslist worden.

Op 18 februari 1914 werd aan de Gemeenteraad een plan van aanleg en kosten ter goedkeuring voorgelegd. De kosten van aanleg en van jaarlijks onderhoud van het plantsoen met rozen bleken mee te vallen. De kosten van de aanleg werden geraamd op 2.150 gulden en van het jaarlijks onderhoud op 500 gulden. Tevens moest in het belang van het verkeer ook een gedeelte van het terrein worden gereserveerd voor de aansluiting op de andere wegen en de waterafvoer moest verbeteren.

Met betrekking tot het Ontwerp Plantsoenaanleg van de heer Rysdorp vraagt de gemeente advies aan tuinarchitect Tersteeg uit Naarden. Citaat uit de brief van de heer Tersteeg aan de gemeente (12 maart 1914): ‘Daar de eigenaardige bezwaren, verbonden aan beplantingen op dit terrein, enige hogere begroeiing uitsluiten is het voorgestelde idee er in hoofdzaak een ‘rozengaarden’ van te maken zeker toe te juichen.” De heer Tersteeg doet nog enkele aanbevelingen vooral met betrekking tot de verhoudingen van vakken en banden, aansluitingen der plaatsen van banken tegen de grenzen enz.

Op 24 maart 1914 wordt in de Gemeenteraad in Hilversum door Burgemeester Gülcher en Wethouders besloten, dat het terrein overeenkomstig dit advies zal worden aangelegd.

Dankzij dit besluit kunnen wij na 100 jaar nog steeds genieten van dit prachtig stukje plantsoen in onze wijk: het Rosarium.

Anna Gabanyi
Buurt en Beheer

 

rosarium-plaategrond